Het Boekenbal: Het originele dagboek van 'opa' Ferguson

01 december 2015 | Erwin Meeks | Boekenbal

Het boek Alex Ferguson, My autobiography is een autobiografie over een autoriteit. Uiteraard heeft de huidige Manchester United-manager Louis van Gaal met zijn controversiële gedrag al veel aandacht op zich gevestigd. Maar in en rondom de meest succesvolle Engelse voetbalclub waart nog altijd de geest rond van Sir Alex Ferguson, en op belangrijke momenten is deze levende legende ook lijflijk aanwezig. Want Ferguson is nog lang niet dood. Integendeel! Op wedstrijddagen priemen de immer twinkelende ogen van Ferguson in de rug van diens opvolger Van Gaal, en daalt zijn niet aflatende kritische blik neer over zijn voormalige pupillen. De autoriteit van ‘de enige echte’ Manchester United-manager zal nooit verdwijnen. Zeker niet nu hij zijn compromisloze gedachtengoed heeft vastgelegd in een lezenswaardige autobiografie.

Kauwgom-kauwende visionair met Schots accent

Zijn autoriteit als Manchester United-icoon heeft Ferguson te danken aan zijn maar liefst 27 succesrijke jaren als manager, waarin hij met zijn club bijna veertig prijzen won. In 1999 was zijn verdienste voor het Britse voetbal al zo groot dat de in Glasgow als Alexander Chapman Ferguson geboren Schot tot ridder werd geslagen. De titel Sir sluit goed aan bij zijn autoritaire status als het om voetbal gaat. Zodanig goed zelfs, dat menig jonge United-fan wel eens gedacht moet hebben dat Sir Alex de gewone voornaam is van de zo geliefde trainer. Die titel lijkt hem aangeboren, evenals zijn kenmerkende Schotse accent, zijn vlijmscherpe voetbalvisie en zijn voorliefde om talenten uit de eigen jeugdopleiding op te leiden tot internationale toppers.

In zijn 27 jaar op de bank bij Manchester United sponsorde Ferguson zodoende niet alleen op ongekende wijze de kauwgom-industrie, maar schonk hij de voetbalwereld ook een grote groep topvoetballers. De roemruchte Class of ’92, de nooit geëvenaarde lichting toptalenten van Beckham, Giggs, Scholes, Butt en de gebroeders Neville, bestormde onder de beschermende vleugels van Ferguson de internationale top én tegelijkertijd vele erepodia. Fergie beschrijft in zijn autobiografie heel gedetailleerd hoe hij omging met deze vedetten. De voetbalverslaafde Ferguson was 24 uur per dag bezig met people management, met het scouten en opleiden van nieuwe talenten en met de lange termijn visie van een van de grootste voetbalclubs ter wereld.

Het afscheid van Beckham, Stam en Van Nistelrooy

Dat na een stroef begin vervolgens bijna drie decennia lang alles om Ferguson draaide, heeft weer alles te maken met de autoriteit die hij uitstraalde. De ietwat nukkige Schot liet zich door niets of niemand de les lezen. In het boek vertelt Ferguson dat hij steeds wilde voorkomen dat iemand zijn gezag zou ondermijnen. Deze woorden heeft hij regelmatig in daden omgezet, zoals bij de clashes met David Beckham, Jaap Stam en Ruud van Nistelrooy, die in het boek uitgebreid aan bod komen. Ondanks hun enorme status en waarde voor de club, moesten zij alle drie het veld ruimen. Beckham kreeg het volgens Ferguson te hoog in zijn bol, Stam zou met zijn veelbesproken autobiografie voor onrust hebben gezorgd en Van Nistelrooy was vooral te eigenzinnig. In de filosofie van Sir Alex was het vertrek van deze drie heren dus onvermijdelijk.

Ferguson is echter ook de eerste om toe te geven dat deze drie toppers na hun vertrek behoorlijk gemist werden in Manchester. Ondanks zijn uitgekiende selectiebeleid, heeft de manager alle zeilen moeten bijzetten om telkens tot een complementair elftal te komen. Met betrekking tot de voortdurende zoektocht naar nieuwe spelers, komen in het boek illustere en vertederende namen langs zoals die van Jordi Cruijff, Djemba-Djemba, Nevland, Poborský, Hargreaves, Cantona, Ferdinand, Keane, Larsson en natuurlijk het koningskoppel Cole & York. Voor de echte voetballiefhebber zijn deze memoires van Ferguson daarom een feest der herkenning, dat wordt gevolgd door een intrigerende stortvloed aan nieuwe informatie en anekdotes.

Het meest originele dagboek van opa Ferguson

Het hele verhaal wordt dus door Ferguson zelf verteld, al is het uiteindelijk pas echt op papier gezet door de ervaren sportschrijver Paul Hayward. Deze gelauwerde Engelse sportjournalist heeft ook de beklijvende autobiografie van Sir Bobby Robson reeds op zijn naam staan. In het geval van Ferguson heeft hij er niet voor geschuwd om de authentieke verteltrant van de hoofdpersoon in het boek te laten doorklinken. Daarom is het ook aan te raden om de Engelstalige versie te lezen, in plaats van de Nederlandse vertaling die een jaar later, in 2014, is uitgebracht. Vergelijk het maar met de dagboeken van je opa. Die zijn wellicht ook beter te lezen als je ze eerst laat digitaliseren, maar het verhaal komt dan toch minder indringend over dan wanneer je het origineel leest. Hiermee wil ik overigens niet beweren dat het boek overkomt als het dagboek van een opa. Ik wil het gezag van Sir Alex écht niet ondermijnen. En tot slot nog een kleine waarschuwing: bij het lezen van dit boek loop je kans op heimwee naar de jaren dat Manchester United onder Ferguson vaak fantastisch voetbal speelde. Want de amusementswaarde van het huidige United is even groot als de bescheidenheid van Louis van Gaal...

Sir Alex Ferguson geeft zijn mening over onder meer Louis van Gaal, David Beckham en C. Ronaldo:

Erwin Meeks

Erwin Meeks is de eigenaar van VoetLicht Media en werkt daarnaast als (voetbal-)schrijver en eindredacteur. Namens VoetbalTube bespreekt hij tweewekelijks nieuwe of opmerkelijke boeken over of uit de voetbalwereld. De beelden op VoetbalTube zeggen vaak meer dan duizend woorden, maar voetbalboeken kijken op hun beurt weer verder dan het beeld.

FacebookTwitterGoogle+

Bekijk ook..

Reageer