Het Boekenbal: Een (bijna) perfect boek over Het Perfecte Elftal

01 juli 2015 | Erwin Meeks | Boekenbal

In 1988 had AC Milan-clubarts Rodolfo Tavana twee hondjes. De nog ietwat onervaren en leergierige arts beweerde dat één van de hondjes dol was op zijn geliefde voetbalclub AC Milan, terwijl de ander duidelijk de kant van aartsrivaal en stadgenoot Internazionale verkoos. Of in voetbaltermen: hier was sprake van een Milanista-hond en van een Interista-hond. De avond voorafgaand aan een cruciale competitiewedstrijd met het in die tijd hoog aangeschreven Napoli, kwam de Nederlandse stervoetballer Ruud Gullit dineren bij zijn vriend én arts van zijn toenmalige club. Tijdens een onbewaakt moment in de keuken werd Gullit echter plotseling in zijn been gebeten door het valse hondje Interista, die blijkbaar instinctief in de gaten had dat hier een bepalende speler van concurrent AC Milan langs zijn natte neus liep...

Amuserende AC Milan-anekdotes

De vleeswond in het afgetrainde been van Gullit was behoorlijk groot, maar nog niet half zo groot als de schrik bij dokter Tavana. Zou de grote Ruud Gullit door het toedoen van zijn valse hondje moeten afhaken voor de beladen ontmoeting met Napoli? Dat zou hem als jonge clubarts zijn baan kunnen kosten. Bovendien zou zijn intieme dinertje met Gullit dan alle kranten en journaals halen. De ochtend na het tumultueuze etentje arriveerde Gullit hinkend op trainingscomplex Milanello. Die aanblik bracht de bezorgdheid bij dokter Tavana, heel toepasselijk voor een liefhebber van een lekkere warme maaltijd, tot een kookpunt. Uiteindelijk kon de extravagante aanvaller echter zijn lach niet meer onderdrukken: Gullit had weer eens de komediant uitgehangen. Hij had helemaal geen pijn en de wond viel in de categorie ‘Kusje erop?’ uit de Kruidvat-reclames.

Gullit speelde de sterren van de Italiaanse hemel tegen Napoli, zijn ploeg won mede dankzij zijn twee assists met 2-3 én Milan werd vervolgens kampioen van Italië. De hondenbeet is echter vereeuwigd in een van de amuserende anekdotes uit het prachtige boek 'Het Perfecte Elftal', van schrijver Jan-Cees Butter. Dit boek, met als ondertitel: De Hollandse gloriejaren van AC Milan, vertelt op sprookjesachtige wijze over de nostalgische en zeer succesvolle tijd van de drie Nederlandse tulpen (Ruud Gullit, Marco van Basten en Frank Rijkaard) bij de club uit Milaan. Aan de hand van hun eigenzinnige trainer Arrigo Sacchi, die in het boek regelmatig aan het woord komt, ontketenden zij een revolutie. Zij introduceerden aanvallend voetbal in de Serie A en maakten van AC Milan een onoverwinnelijk elftal, of zoals Butter het graag omschrijft: een perfect elftal.

Lofzang zonder wanklanken

Dat de schrijver zijn liefde voor Italië en AC Milan niet onder stoelen of banken steekt, maakt het tot een vermakelijk, positief en lekker leesbaar boek. Het is zeer geschikt voor jonge lezers die meer willen weten over het fantastische AC Milan uit de jaren tachtig en negentig, waar hun vader of opa zo smakelijk over kan vertellen. De statistieken achter in het boek, over de gloriejaren van 1987 tot en met 1993, maken het verhaal extra compleet. Tegelijkertijd zal de kritische lezer wel opmerken dat deze lofzang zonder wanklanken enige objectiviteit mist.

De schrijver beweert dat Het Perfecte Elftal van AC Milan moeiteloos de vergelijking met erkende topteams zoals het Real Madrid van Di Stefano en het Ajax van Cruijff doorstaat. De journalistieke onderbouwing hiervan ontbreekt echter, waardoor ook sommige verhalen en anekdotes ietwat gecultiveerd lijken. Dit wordt nog eens versterkt doordat de hoofdpersonen Van Basten, Gullit en Rijkaard zelf niet aan het woord komen, terwijl mannen zoals Sacchi te weinig worden geciteerd om dit gevoel te doorbreken. Op het einde maakt Butter dit een beetje goed door Fabio Capello op zijn eigen karakteristieke en temperamentvolle wijze in het hoofdstuk ‘Waarom ik van Marco hield’ zijn liefde voor Van Basten te laten onderbouwen. Capello was de trainer die zijn tranen niet kon bedwingen toen zijn protegé, gedwongen door blessureleed, veel te vroeg afscheid moest nemen in een volgepakt San Siro-stadion.

Van perfect elftal naar een defect elftal

Tot slot is het prettig dat in het boek de uiteenlopende karakters van de drie hoofdpersonen duidelijk worden geschetst, zonder dat dit een (te) dik boek oplevert (ongeveer tweehonderd pagina’s inclusief statistieken). Met Frank Rijkaard als de introverte dromer, de op alle fronten onnavolgbare Van Basten en de excentrieke persoonlijkheid van Gullit, waren de Hollanders het fundament voor Het Perfecte Elftal. Dit tijdloze boek houdt de herinneringen aan deze drie grootheden levend, terwijl het vermaarde AC Milan momenteel roerige tijden beleeft. De ploeg uit Milaan had de afgelopen seizoenen meer weg van een defect elftal dan van een perfect elftal. Daar lusten zelfs de honden van dokter Tavana geen brood van…

Erwin Meeks

Erwin Meeks is eigenaar van VoetLicht Media en werkt daarnaast als (voetbal-)schrijver en eindredacteur. Namens VoetbalTube bespreekt hij tweewekelijks nieuwe of opmerkelijke boeken over of uit de voetbalwereld. De beelden op VoetbalTube zeggen vaak meer dan duizend woorden, maar voetbalboeken kijken op hun beurt weer verder dan het beeld.

FacebookTwitterGoogle+

Bekijk ook..

Reageer