Joey van den Berg: van waterpijp naar waterdrager

10 december 2014 | Stefan Smeenk | Smeenk kopt binnen

Joey van den Berg: van waterpijp naar waterdrager

Vandaag geen cynische teksten. De Nederlandse rapper Sticks zei ooit: "spreek ik mezelf tegen dan heet dat verandering." Een citaat dat zowel nederigheid als zelfreflectie waarborgt. Verandering is iets wat ons intrigeert. Het laat ons juichen voor de underdog, hopen op het onwaarschijnlijke, het bevestigt dat het verleden niet onlosmakelijk over het heden heen groeit. Van alle intriges binnen de verandering is toch wel de verandering van de mens ons favoriet.

Amerikaanse tranentrekkers zijn erop gebaseerd, de hoofdrolspeler heeft talent, gaat een ontwikkeling door, raakt aan lagerwal, spiekt over het randje van de dood en komt tot inzien. Het roer gaat om, alles wijkt want er is een onuitputtelijke oerkracht aangeboord waardoor er harder wordt teruggeslagen. En terwijl de vioolmuziek aanzwelt en de apotheose tot extase komt, zit het publiek met ingehouden adem terwijl het zich afvraagt wat er vervolgens gaat gebeuren. Nou, in deze achtbaan van emoties zat ik toen ik afgelopen weekend naar Joey van den Berg keek.

FC Groningen – SC Heerenveen is door de komst van Cambuur als derby van het Noorden een beetje ondergesneeuwd, alleen op het veld was daar weinig van te merken. Er werd getrokken, gesleurd, gesjouwd, gevochten en mijn nieuwbakken Drentse favoriet was de kuitenbijtende dirigent op het middenveld. Oké, ik geef toe dat de keuze voor Joey onconventioneel is. Oké, ik geef u mee dat Joey van den Berg eruit ziet alsof hij vlak voor de wedstrijd dertien kilo rundergehakt onder zijn nagel vandaan pulkt omdat hij de hele avond ballen heeft staan draaien voor een nieuwjaarsreceptie van de Sligro.

Joey is geen iele stylist met een vernuftige techniek, dat is ook helemaal niet belangrijk. Hij heeft namelijk iets dat de hedendaagse sterren missen: een verhaal. Joey van den Berg is geen Jordy Clasie die als enige anecdote heeft ‘die ene keer dat de spelerbuschauffeur mij over het hoofd zag en zo doorreed naar Tilburg’. Waarna hij maar naar zijn getatoeëerde arm met spelfouten zit te gluren. En toch begrijp ik niet wat er mis is gegaan, hoor je hem denken. Joey proest bij Ricardo Kishna die opschept dat KFC hem eens een kippenvleugel teveel in de Family Bucket had geworpen. Joey van den Berg strijdt wekelijks op het middenveld om de demonen van het verleden van zich af te schudden en dat kan niet zonder geweld.

Hard tegen hard, anders willen ze niet weg. Zijn wekelijkse strijdt staat in contrast met het begin van zijn carrière. Vanaf de D-pupillen doorliep hij bij Heerenveen alle jeugdteams en debuteerde uiteindelijk onder Verbeek. Helaas hield Joey zoveel van gras, dat hij het om de twee uur op een vloeipapiertje legde en oprookte –met alle gevolgen van dien. Zijn trainers vonden hem destijds al zo rustig aan de bal, onwetend dat Joey over de Friese velden liep met een Jamaicaans zanger in zijn kop. Ook vonden ze zijn hongerigheid voor de bal sensationeel –ja hè hè– de beste man liep met een vreetkick waar een paard de hik van krijgt. Na elke training tufte Joey steevast in een Sisi driewieler richting de benzinepomp waar hij 40% van de aandelen aan snoepgoed kocht.

Spijtig dat Heerenveen achter zijn cannabis gebruik kwam. Ik had maar wat graag hem knetterstoned de winnende in de bekerfinale zien maken waarna hij al juichend met rooddoorlopen ogen op de camera afstormt en zich ineens afvraagt waarom hij geen voetbalshirt aanheeft en die meneer met dat fluoricerend shirt zo trots met een gele kaart naar hem staat te zwaaien. Heerenveen betrapte hem op het gebruik van marijuana en ontbond zijn contract. Van den Berg kreeg een oprotpremie van zevenduizend euro, een bedrag dat binnen een maand op was.  

Er was sprake van verandering, in de negatieve zin van het woord. Joey raakte zo erg aan de drank dat hij vier keer per jaar op vakantie kon van alleen al het statiegeld. Gelukkig bleef hij doen waar hij goed in is: voetballen. Bij hoofdklasser MSC te Meppel. Doordat zijn financiën niet optimaal meer waren, ging Joey iets doen waar de supersterren van tegenwoordig nog nooit van hebben gehoord: W-E-R-K-E-N. Auto’s wassen in de wasstraat, alles om toch nog rond te kunnen komen.

Daar staand, nat, in een overall met kaplaarzen met een lullige hogedrukspuit in zijn klauwen kwam de ommekeer. Joey zag in dat het zo niet verder kon, dat hij dit niet langer wou. Hij kan zo niet eindigen. Hij vertikte het om de Nederlandse Paul Gascoigne te worden. Via een amateurcontract bij Go Ahead Eagles, wijkt de middenvelder uit naar MVV, PEC Zwolle waarna hij in de winterstop van 2013 wordt benaderd door het ouderlijk nest dat zijn vogel terug wil. Van den Berg stemt in. Hij is terug bij SC Heerenveen.

Alleen hier mag het niet stoppen. Wij willen niet een zwart-wit arthouse film waar de hoofdrolspeler tevreden is met hetzelfde en zonder dialoog de aftiteling in beeld verschijnt. Wij als kijkers mogen niet verbaasd achterblijven met de vraag: was er een clou? Dit verhaal moet een Steven Spielberg-eske proporties aannemen, bombarisch met trompetten, violen, lekkere wijven en een tearjerker van een einde. Heerenveen is een tussenstation.

En daarom Fred Rutte –ja Fred Raket ik kijk naar jou– als Clasie weggaat, trek van den Berg aan. Haal een moordenaar op het middenveld, de buffel, de kruising tussen John van de Wolf en Ruud Heus. Zet daar de speler neer die past bij het karakter van Feyenoord. Technisch geen geweldenaar alleen qua strijd, door de strijd kruipt hij in de harten van het legioen. Joey van den Berg kan een wandelende legende worden van de omvang van József Kiprich. Van den Berg zijn aanwezigheid geeft het team karakter. Ik denk dat Boëtius van schrik zijn beugel inslikt wanneer Joey even een boekje opendoet van zijn nachtelijke escapades. Ruben Schaken krabt zich achter zijn oren zodra Joey zijn levenservaringen deelt en hem moeiteloos een cornervlag ziet vlaggen. Nee, Joey van den Berg in de Kuip, aan die gedachte kan ik wel wennen.

Joey van den Berg: 'Hamburgers, snickers, twix, alles kwam het veld op.


Portret Joey van den Berg.


Peréz ziet het goed.


Voor de uitspraakfascisten onder ons.


Stefan Smeenk

Smeenk is onze wekelijkse columnist die elke zondagavond trouw met een bord bami op schoot, kritisch de samenvattingen bekijkt. Neem daar alle afleveringen van Voetbal International, Studio Voetbal, het Sportjournaal, FOXSports en de sportkatern van de dagbladen bij. Elke woensdag zal Smeenk de miljardenbranche van het betaald voetbal tegen het licht houden en daar verslag van uitbrengen. Soms ludiek, dan weer bot en af en toe vertederend maar altijd louter en alleen voor uw vermaak. 

Lees ook:
Gertjan Verbeek in dialoog, een hork die hort en stoot
Een kijkje in de ziel van de zielenknijper
Waarom bezoekt u het stadion?
De gekleurde voetbalschoen 2000 – 2014
- 'Balotelli, de Lindsay Lohan onder de voetballers

FacebookTwitterGoogle+

Bekijk ook..

Reageer